Het Groene Medicijn

Uitslag poll: Bijdragen aan natuurbeheer, mits…

poll
78% is voor bijdrage professional aan natuur

Van de 93 stemmers, voornamelijk professionals uit de sectoren Natuur, Zorg, Sport & Welzijn, gaf een ruime meerderheid aan het eens (51%) of helemaal eens (27%) te zijn met de stelling over financiering natuur door professionele gebruikers (zie kader). Een kwart van de respondenten gaf een toelichting, veelal een nuancering, op zijn / haar stem.

S(up)port for Nature hanteert als richtlijn voor evenementen in de natuur een afdracht van 5-15% van de inkomsten aan de betreffende natuurbeherende organisatie. De vraag die ten grondslag lag aan de stelling was of voor wandelcoaches, runningtherapeuten, buitensport-instructeurs, maar ook bijvoorbeeld mindfulness-trainers die werkzaam zijn in de natuur, deze richtlijn ook kan gelden. Immers zoals een fysiotherapeut het mooi verwoordde: ‘Een goedkopere en mooiere werkruimte is er op dit moment niet te vinden’.

De poll die gedurende twee weken open stond op Het Groene Medicijn is ook geplaatst op de website van beroepsvereniging Groene Zorg en de gesloten facebookpagina van wandelcoaches. Daarnaast is een aantal professionals gericht benaderd via email of Twitter om hun mening te geven.

Natuur is een collectief goed

Een paar stemmers geven aan dat natuurbehoud (volledig) betaald hoort te worden uit de belastinggelden: ‘Natuur is een collectief goed, net als schone lucht en water’ en ‘natuur is van iedereen en voor iedereen en betaald door iedereen (via de belastingen)’. Zorgen worden geuit over het (deels) privatiseren van natuur, waarbij ‘beheer en toegankelijkheid van natuur worden overgeleverd aan individuele grilligheid’. Deze stemmers vinden steun bij een recente uitspraak van het Europese Hof van Justitie waarin de rechters stelden dat de activiteit natuurbeheer uitsluitend een kwestie van algemeen belang is.

Mee eens, onder voorwaarde…

De huidige realiteit is dat van natuurorganisaties wordt verwacht dat zij zoveel mogelijk eigen middelen genereren (Regeerakkoord Rutte-II). Uit het stemresultaat en de toelichtingen blijkt dat veel respondenten het logisch vinden dat professionals die de natuur benutten voor winstgevende activiteiten ook financieel bijdragen aan het beheer en onderhoud van de natuur. Constructies als een soort huurovereenkomst of zakelijk lidmaatschap worden genoemd. Deze kosten zouden dan bij voorkeur als bedrijfskosten aftrekbaar moeten zijn van de belasting, zo vermeldt een runningtherapeut. Als wederdienst voor een zakelijk lidmaatschap verwachten professionals dat de natuurorganisatie via haar kanalen bekendheid geeft aan het aanbod van deze professionals in hun gebieden. Dat dit voor natuurbeheerders niet altijd even logisch is, blijkt uit het volgende citaat:

‘Ik heb hierover al een keer gesproken met de beheerder van “mijn” wandelgebied van Natuurmonumenten. Het was een erg eenzijdig verhaal. Hij wilde graag dat ik betaalde, maar reclame maken voor mij als wederdienst was niet bespreekbaar. Ik maak tijdens mijn wandelingen ook reclame voor de meerwaarde van de natuur en veel mensen gaan zelf ook nog eens wandelen.’

Een groene zorgondernemer noemt als voorwaarde dat ‘Staatsbosbeheer en parkschappen de middelen niet aanwenden voor reguliere beheerstaken. Voorkomen moet worden dat straks voor dezelfde dienst van Staatsbosbeheer twee- of meermaal betaald moet worden en er geen voorwaarden aan de besteding worden gesteld.’ De betreffende ondernemer geeft aan liever het geld te storten in ‘een fonds met een bestuur dat volledig onafhankelijk is van SBB of enige andere (semi-)overheidsorganisatie. Zoiets als het Beleef & Geef Biesbosch dus’. Deze mening lijkt haaks te staan op de mening van een boswachter, die het eens is met de stelling, ‘mits zij de vorm van gebruik aanpassen aan het betreffende terrein. Volgens mij moet voorkomen worden dat dergelijke initiatieven het beheer gaan bepalen!’

IMG_4170Bijdrage in natura

Meerdere stemmers geven aan dat behalve een financiële bijdrage ook gedacht kan worden aan een bijdrage in natura, in de vorm van fysiek meehelpen aan het onderhoud op reguliere basis. Bos- en padenbeheer en maandelijkse schoonmaakacties worden als voorbeelden genoemd.

Een financiële bijdrage kan niet geëist worden; er moet gekeken worden naar wat reëel en mogelijk is. Sommige stemmers geven aan dat het niet reëel zou zijn om meer dan 5% van de omzet te vragen.

Een wandelcoach merkt op: ‘Het zou iets anders zijn als wij een vergoeding zouden krijgen van zorgverzekeringen etc. Ik heb naast de wandelingen ook nog een eigen werkruimte waar ik mensen ontvang, dan zou ik dubbel gaan betalen.’

Enkele stemmers merken op dat binnen het huidige bekostigingssysteem van de zorg een verplichte financiële bijdrage van groene zorgaanbieders niet gevraagd kan worden. Ziektekostenverzekeraars zouden hun verantwoordelijkheid moeten nemen en verzekerden meer moeten stimuleren te bewegen, de natuur in te gaan.

Conclusie

Natuur wordt gezien als een collectief goed, waarvan de kwaliteit en toegankelijkheid gewaarborgd moet blijven. Men is het erover eens dat het logisch is dat je meebetaalt voor iets waar je gebruik van maakt. Hoe dat moet gebeuren, daar verschillen de meningen over. Sommigen vinden dat het volledig uit belastinggeld betaald zou moeten worden, de meesten zien mogelijkheden voor andere, aanvullende betalingsconstructies (in geld of natura). Het zou niet moeten gaan om een verplichte bijdrage, dat is bovendien ook moeilijk te handhaven. Ook moet goed geregeld worden wat er met het geld gebeurt. Het zoeken is naar een win-win situatie, waarbij ‘out of the box’ denken welkom is. Wie weet kunnen we straks behalve een VIP-safari ook een wandelcoachtraject of leefstijltraining boeken bij natuurbeherende organisaties. Of tonen groene zorg- / buitensportondernemers straks vol trots een vignet ‘S(up)port for nature’ op hun website als blijk van maatschappelijk verantwoord ondernemen.